Brahma

De Brahma is in zijn majestueuze verschijningsvorm met recht de koning onder de hoenderrassen, ze behoort tot de groep reuzenrassen, tezamen met de Cochin en Langshan. De Brahma is degene die het best bestand en beschermd is tegen koudere winterse omstandigheden. Dit komt door de rijke donzige bevedering, de been- en voetbevedering welke de tenen aan de buitenkant afdekken en door zijn relatief kleine kopversierselen (kam en kinlellen) die minder vatbaar zijn voor bevriezing. Ook zijn ze in staat om een wintervoorraad vet aan te leggen als ze daartoe de kans krijgen.

boek1

Herkomst

De drie genoemde rassen hebben ongetwijfeld dezelfde voorouders welke voorzover nu nog na te gaan is moeten zijn ontstaan in Azie. Deze reuzenhoenders waren ten tijde van het voormalige Chinese keizerrijk reeds bekend. Door diverse publicaties weten we dat ze vanaf het midden van 19e eeuw in Amerika en Europa zijn in gevoerd vanuit Aziƫ. Hierover doen meerdere versies van het verhaal de ronde, de waarheid zal wel ergens in het midden liggen. Ten tijde van de eerste aanvoer in Amerika en korte tijd later Europa waren de donkere (thans geheten meerzomig zilverpatrijs) en de lichte (nu columbia) het meest in trek vermoedelijk vanwege de onbekendheid van deze kleuren. Daarnaast zijn er meerdere kleuren omschreven, ongetwijfeld de nu in deze tijd genoemde meerzomig patrijs en buff columbia kleurslagen. De donkere en lichte kregen de overhand, zodoende raakten de andere kleurslagen in de vergetelheid. Vrij kort na aankomst distilleerden de fokkers die in het bezit kwamen van de aangevoerde dieren de drie verschijningsvormen Brahma, Cochin en Langshan zoals we ze nu nog kennen. Sinds hun komst rond 1860 is er niet zo veel veranderd getuige de afbeeldingen die er zijn, een bewijs dat de oervorm met zijn verschillende kenmerken vast verankerd is. De Brahma heeft na zijn komst veel invloed gehad op het ontstaan van nieuwe rassen, door kruising met de al reeds aanwezige zogenaamde landhoenrassen die in Europa en Amerika voorkwamen, deze waren over het algemeen belangrijk kleiner. De nieuwe in aanvang nut- en later sportrassen zijn in het buitenland o.a. de Wyandotte, de Sussex, de Rhode Island Red en de Plymouth Rock. In Nederland is het onze nationale trots de Barnevelder die Brahmabloed voert als mede de Welsumer waarbij in beide gevallen o.a. de bruine eikleur van de Brahma afkomstig is.